20/08/2018

Gedrags- en omgangsregels

Duikteam Haarlemmermeer handelt naar de structuur en geest van de NOC*NSF zoals hieronder vermeld.

Meldpunt seksuele intimidatie en vertrouwenscontactpersoon

Duikteam Haarlemmermeer heeft een vertrouwenscontactpersoon (VCP) aangesteld in de persoon van Merel Koelewijn. Zij is bereikbaar via e-mail en telefoon, maar je kunt haar natuurlijk ook een keer aanschieten in het zwembad. Merel kun je inschakelen bij vragen, klachten en/of incidenten op het gebied van de sfeer en de onderlinge omgang. De drie kerntaken van de VCP zijn:

  • preventief optreden,
  • optreden als eerste opvang/aanspreekpunt,
  • doorverwijzen.

De VCP reageert niet alleen op vragen, klachten of incidenten, maar is ook adviseur en ‘sparring partner’ voor bestuur, commissies en leden.

Heb je het gevoel dat er iemand binnen onze vereniging onze gedragsregels overtreedt, graag dit direct te melden bij Merel, een van de bestuursleden of een van de instructeurs. Uiteraard staat het je ook vrij om de persoon er zelf op aan te spreken. Is er iets voorgevallen waarbij je dit voorval liever met een persoon buiten onze vereniging wilt bespreken, kun je contact opnemen met de vertrouwenspersoon van de NOB. Deze is te bereiken via het emailadres: vertrouwenscontactpersoon@onderwatersport.org

NOC*NSF heeft een structuur opgezet om seksuele intimidatie in de sport te voorkomen en waar nodig hulp te kunnen bieden. Hiertoe behoort onder andere het Vertrouwenspunt Sport (0900-2025590) dat altijd bereikbaar is. Hier kun je terecht voor eerste opvang, vragen en advies aangaande seksuele intimidatie in de sport.
Binnen de NOB is een Vertrouwenscontactpersoon (vertrouwenscontactpersoon@onderwatersport.org) het eerste aanspreekpunt bij (dreigende) incidenten. De Vertrouwenscontactpersoon verwijst door naar NOC*NSF vertrouwenspersonen of andere ondersteunende instanties als dit gewenst is.

2

E11 Gedragscode NOB (2016)

Gedragsregels
Racisme / discriminatie
1. NOB-leden respecteren hun mede-sporter en diens persoonlijke levenssfeer en houden rekening met diens levensbeschouwelijke en culturele identiteit.
2. NOB-leden discrimineren niemand vanwege leeftijd, geslacht, huidskleur, ras, seksuele geaardheid, beroep, mentale toestand of handicap, religie of politieke overtuiging.
3. NOB-leden onthouden zich van uitlatingen en gedragingen met een discriminerend of anderszins beledigend karakter, alsmede van uitlatingen en gedragingen waarvan zij kunnen of behoren te weten dat deze voor een derde schadelijk zijn.

Seksuele intimidatie
1. De begeleider moet zorgen voor een omgeving en een sfeer waarbinnen de sporter zich veilig voelt.
2. De begeleider onthoudt zich ervan de sporter te bejegenen op een wijze die de sporter in zijn waardigheid aantast, én verder in het privéleven van de sporter door te dringen dan nodig is voor het gezamenlijk gestelde doel.
3. De begeleider onthoudt zich van elke vorm van (machts)misbruik of seksuele intimidatie tegenover de sporter.
4. Seksuele handelingen en seksuele relaties tussen de begeleider en de jeugdige sporter tot zestien jaar zijn onder geen beding geoorloofd en worden beschouwd als seksueel misbruik.
5. De begeleider mag de sporter niet op een zodanige wijze aanraken dat de sporter en/of de begeleider deze aanraking naar redelijke verwachting als seksueel of erotisch van aard zal ervaren, zoals doorgaans het geval zal zijn bij het doelbewust (doen) aanraken van geslachtsdelen, billen en borsten.
6. De begeleider onthoudt zich van seksueel getinte verbale intimiteiten.
7. De begeleider zal tijdens training(sstages), wedstrijden en reizen gereserveerd en met respect omgaan met de sporter en met de ruimte waarin de sporter zich bevindt, zoals de kleedkamer of de hotelkamer.
8. De begeleider heeft de plicht de sporter te beschermen tegen schade en (machts)misbruik als gevolg van seksuele intimidatie. Daar waar bekend of geregeld is wie de belangen van de (jeugdige) sporter behartigt, is de begeleider verplicht met deze personen of instanties samen te werken, opdat zij hun werk goed kunnen uitoefenen.
9. De begeleider zal de sporter geen (im)materiële vergoedingen geven met de kennelijke bedoeling tegenprestaties te vragen. Ook de begeleider aanvaardt geen financiële beloning of geschenken van de sporter die in onevenredige verhouding tot de gebruikelijke dan wel afgesproken honorering staan.

3

E11 Gedragscode NOB (2016)

10. De begeleider zal er actief op toezien dat deze regels worden nageleefd door iedereen die bij de sporter is betrokken. Indien hij gedrag signaleert dat niet in overeenstemming is met deze regels zal hij de betreffende persoon daarop aanspreken.
11. In die gevallen waarin de gedragsregels niet (direct) voorzien, ligt het binnen de verantwoordelijkheid van de begeleider in de geest hiervan te handelen.